Naar inhoud springen

wang

Uit WikiWoordenboek
  • wang
  • In de betekenis van ‘zijkant van gezicht’ voor het eerst aangetroffen in 1240 [1] [2] [3]
enkelvoud meervoud
naamwoord wang wangen
verkleinwoord wangetje wangetjes

dewangv/m

  1. (anatomie) zijkant van het gezicht onder het oog
     Op minder dan 30 kilometer van het eindpunt rolden er tranen over mijn wangen.[4]
     Lawrie boog zich nog iets verder naar voren en gaf me een kus op mijn wang.[5]
     Ik moet denken aan de vrouw die me altijd in mijn wangen kneep met de woorden: wat heb jij toch een leuk snoetje.[6]
99 %van de Nederlanders;
99 %van de Vlamingen.[7]
  1. "wang" in:
    Sijs, Nicoline van der
    , Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org
    ; ISBN 90 204 2045 3
  2. wang op website: Etymologiebank.nl
  3. wang op website: Etymologiebank.nl
  4. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  5. Jessie Burton vert. Marja Borg
    “De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024574704
  6. Marion Pauw e.a.
    “4 wandelaars en een Siciliaan” (2022), The House of Books, ISBN 9789044363340
  7. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
  • wang

wang

  1. schrijfwijze voor uang "geld"
  2. paleis
  3. jongen