Naar inhoud springen

redden

Uit WikiWoordenboek
  • red·den
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
redden
redde
gered
zwak -d volledig

redden

  1. overgankelijk actie ondernemen om iets of iemand uit de moeilijkheden te halen
     Hij dacht aan Olive, die wezenlijk van haar moeder verschilde, zo onschuldig, ze leek net een meisje dat bijna verdronk en wilde dat hij haar zou redden, en waarschijnlijk had ze zelf niet door hoe doorzichtig ze was.[4]
    • Gelukkig werden ze nog net op tijd gered. 
     Als ik geloof dat God mij kan redden, zou ik mezelf in een slachtofferrol manoeuvreren en dat is het laatste wat ik wil.[5]
     'Het vaderland verkeert in gevaar en om het te redden hebben een paar moedige mannen, een paar generaals, de verantwoordelijkheid op zich genomen om onszelf in het voorste gelid te plaatsen van een Nationale Beweging voor Redding van het Vaderland die overal zegeviert.[4]
vervoeging van
redden

redden

  1. meervoud verleden tijd van redden
    • Wij redden. 
    • Jullie redden. 
    • Zij redden. 
100 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[6]

redden

  1. verlossen, bevrijden

redden

  1. verlossen, bevrijden