Naar inhoud springen

minuscule

Uit WikiWoordenboek
  • mi·nus·cu·le

minuscule

  1. verbogen vorm van de stellende trap van minuscuul
     De rest van de heilige reep knaagde ik in minuscule hapjes gedurende de dag op.[1]
     Een laatste minuscule flakkering.[2]
     Hij kwam een halfuur later naar me toe, toen ik in het minuscule en rommelige keukentje de lege aluminium borden stond te stapelen en enige orde probeerde aan te brengen in de vrijgezellenchaos van Sam en Patrick.[3]
  1. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  2. Tatiana Rosnay
    “Kwetsbaar” (2010), Artemis & co, ISBN 9789047201625
  3. Jessie Burton vert. Marja Borg
    “De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024574704


  enkelvoud meervoud
  mannelijk  /
  vrouwelijk  
minuscule minuscules

minuscule

  1.  minuscuul bn 
  2. (typografie) als kleine letter
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  minuscule     la minuscule     minuscules     les minuscules  

minuscule v

  1. (typografie) kleine letter