geluk
Uiterlijk
- Geluid: geluk (hulp, bestand)
- IPA: / ɣəˈlʏk / (2 lettergrepen)
- (Noord-Nederland): /χəˈlɵk/
- (Vlaanderen, Brabant, Limburg): /ɣəˈlɵk/
- ge·luk
- In de betekenis van ‘voorspoed’ voor het eerst aangetroffen in 1240 [1]
- Naamwoord van handeling van lukken met het voorvoegsel ge- [2]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | geluk | gelukken |
| verkleinwoord | gelukje | gelukjes |
het geluk o
- toevallige meevaller
- ▸ Die zal ze eerst nuffig weigeren natuurlijk, maar met een beetje geluk knabbelt ze er toch een beetje van, waardoor' ze wat minder prikkelbaar wordt.[3]
- ▸ Het was een geluk geweest dat Joy zich na het eten uit de voeten had gemaakt en lang wegbleef, waardoor ik een tijdje alleen op de kamer was en rustig kon bellen.[3]
- prettige gemoedstoestand waarin men tevreden is met zichzelf en met de omgeving
- ▸ Dat kon ook niet anders, als je haar geluk en angst en verwondering zag over het feit dat ze een kind in zich droeg, zoiets moois, dat zo'n goede moeder zou krijgen.[4]
- ▸ Het was een groot feest in Deventer: Deventer kan zijn geluk niet op na bekerwinst Go Ahead Eagles: 'We gaan Europa in!' De horeca in het centrum van Deventer had al eerder afgesproken om middernacht te sluiten. Vanaf toen stroomde de binnenstad dan ook grotendeels leeg.[5]
- ▸ Hij kon zijn geluk niet op; Isaac Robles in zijn schuilplaats en zijn kale zusje dat hem een wapen overhandigde.[4]
- Het geluk is met de dommen
Mensen die dom en/of onhandig zijn, hebben zoveel geluk dat ze het er toch goed vanaf brengen (ofwel: je hebt eigenlijk meer aan puur geluk dan aan gezond verstand)
- Ongeluk in het spel, geluk in de liefde
Wie pech heeft in iets onbelangrijks kan geluk hebben bij iets belangrijkers
- Zijn geluk niet op kunnen
Maximaal blij zijn
- • Ik liep op een tapijt van kleine witte en roze bloemen en kon mijn geluk niet op. [6]
|
|
1. prettige loop van de omstandigheden
| vervoeging van |
|---|
| gelukken |
geluk
- Het woord geluk staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "geluk" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 100 % | van de Vlamingen.[7] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "geluk" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ geluk op website: Etymologiebank.nl
- 1 2 Marion Pauw e.a.“4 wandelaars en een Siciliaan” (2022), The House of Books, ISBN 9789044363340
- 1 2 Jessie Burton vert. Marja Borg“De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff
, ISBN 9789024574704 - ↑
Weblink bron “Feest barst los in Deventer na winst Go Ahead Eagles: 'We gaan Europa in!'” (22 april 2025), NOS - ↑ Tim Voors: Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada, 2018
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 5
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- WikiWoordenboek:Pagina's die ISBN magische koppelingen gebruiken
- Voorvoegsel ge- in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 100 %