feuilleter
Uiterlijk
- Geluid: feuilleter (hulp, bestand)
- IPA: /fœj.te/
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| infinitief | verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| feuilleter |
feuilletais |
feuilleté |
| eerste groep | volledig | |
feuilleter
- overgankelijk doorbladeren; oppervlakkig een boek doorkijken; feuilleteren [1]
- overgankelijk (kookkunst) maken van bladerdeeg; feuilleteren [2]
- ↑ feuilleter (Etymologie) in: Le Trésor de la Langue Française informatisé (1971-1994)
op de website cnrtl.fr
.