buffo
Uiterlijk
- buf·fo
- Leenwoord uit het Italiaans, in de betekenis van ‘basstem voor komische rollen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1847 [1] [2]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | buffo | buffo's |
| verkleinwoord | - | - |
de buffo m
- Het woord buffo staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.