abject
Uiterlijk
- ab·ject
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | abject | abjecter | abjectst |
| verbogen | abjecte | abjectere | abjectste |
| partitief | abjects | abjecters | - |
abject
- (pejoratief) volstrekt verachtelijk, zeer verwerpelijk
- Hij maakte een abjecte toevoeging aan de discussie.
- Het heeft weinig zin Trump belachelijk te maken, maak belachelijk wat Trump mogelijk maakt: het benepen eigenbelang van kiezers, de cynische hypocrisie van (christelijk) rechts, de blinde vlekken van bourgeois links, de rol van commercie en media, het vampirisme van de abject rijken, en een internet dat van utopisch idee is verworden tot facilitator van oligarchie en fascisme.[2]
- Het woord abject staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "abject" herkend door:
| 74 % | van de Nederlanders; |
| 43 % | van de Vlamingen.[3] |
- ↑ "abject" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ www.nrc.nl (27 mrt 2025)
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
- Geluid: abject (VK) (hulp, bestand)
- IPA: /ˈæbdʒɛkt/, /ˈæbdʒɪkt/
| stellend | vergrotend | overtreffend |
|---|---|---|
| abject | more abject | most abject |
abject
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| abject | abjects |
abject
- een hopeloos persoon, iemand in slechte staat[1]
- «But he's an abject, a repulsive traitor.»
- Maar hij is een hopeloze, een afstotelijke verrader.[2]
- «But he's an abject, a repulsive traitor.»
- ↑ Johnson, Samuel; bewerkt door John Walker (1835). Johnson's English Dictionary, p. 56. Uitg.: N. Hale. Dit werk bevindt zich in het publiek domein.
- ↑ Silone, Ignazio (2004). Ed egli si nascose. Dramma in quattro atti. Vert.: And He Hid Himself: A Play in Four Acts, p. 69. Uitg.: Kessinger Publishing, ISBN 9781417984657.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| mannelijk | abject | abjects |
| vrouwelijk | abjecte | abjectes |
- Van het Latijnse abiectus
abject
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 6
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- WikiWoordenboek:Pagina's die ISBN magische koppelingen gebruiken
- Bijvoeglijk naamwoord in het Nederlands
- Pejoratief in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 74 %
- Prevalentie Vlaanderen 43 %
- Woorden in het Engels
- Woorden in het Engels van lengte 6
- Woorden in het Engels met audioweergave
- Woorden in het Engels met IPA-weergave
- Bijvoeglijk naamwoord in het Engels
- Zelfstandig naamwoord in het Engels
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 6
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Bijvoeglijk naamwoord in het Frans