1.
De gemeenteraadsverkiezingen : Op 21 maart 2018 waren er
verkiezingen voor de gemeenteraad1; mensen van 18 jaar en ouder konden stemmen
op een politieke partij in hun gemeente.
Wat is de gemeenteraad? De gemeenteraad is het politieke ‘parlement’ van een
gemeente. Een gemeente kan een (grote) stad zijn, maar ook een combinatie van een
paar dorpen. Er zijn in totaal ongeveer 400 gemeentes. Elke gemeente heeft een
gemeenteraad. De mensen in de gemeenteraad zijn allemaal lid van een politieke partij.
Ze worden elke vier jaar gekozen door de inwoners van de gemeente. De partijen maken
verkiezingsprogramma’s; daarin vertellen ze wat hun plannen voor de gemeente zijn.
Bijvoorbeeld: waar moeten nieuwe huizen of een nieuwe wijk3 gebouwd worden? Hoe
moet de zorg4 georganiseerd worden? Wat is het belangrijkste, en waar moet meer of
juist minder geld naartoe? Naar de zorg, of naar onderwijs? Of naar veiligheid en politie,
het bedrijfsleven5 of naar het bestrijden7 van armoede6? Naar sport, of naar
taallessen? Of naar de bibliotheken? Moet er een asielzoekerscentrum komen, en waar
dan? En hoe hoog moet de gemeentebelasting zijn? Alle politieke partijen hebben daar
ideeën over, en die ideeën schrijven ze op in hun verkiezingsprogramma
Wie mogen er stemmen? Elke vier jaar stem je dus in jouw gemeente op een
politieke partij, en op een lid (een man of een vrouw) van die politieke partij. Vind je
bijvoorbeeld dat de PvdA8 goede ideeën heeft? Dan stem je op iemand van de PvdA.
Vind je het CDA8 de beste partij? Dan kies je voor iemand van het CDA. Of op een
andere partij natuurlijk. Dat mag iedereen helemaal zelf beslissen9. Maar wie mogen er
allemaal stemmen? Mensen met de Nederlandse nationaliteit van 18 jaar en ouder
mogen stemmen. Maar ook mensen met een paspoort van een EU-land (landen van de
Europese Unie) mogen stemmen. En ook mensen uit andere landen mogen stemmen,
als ze een geldige verblijfsvergunning hebben en minimaal vijf jaar legaal in Nederland
zijn.
Het College van B&W10: de ‘regering’ van de gemeente Na de verkiezingen
moeten de partijen een nieuw College van Burgemeester & Wethouders maken. Dat
college is de ‘regering’ van de gemeente. Eerst mag de grootste partij proberen samen
met andere partijen een college te maken. Het college maakt dan de definitieve
plannen voor de volgende vier jaar. De burgemeester11 voert de plannen uit12, samen
met de wethouders13. De partijen die in het college zitten kiezen de wethouders. De
wethouders voeren de plannen voor een speciaal onderwerp uit. Er is bijvoorbeeld een
wethouder voor financiën, een voor onderwijs, een voor zorg en welzijn, een voor
wonen, een voor verkeer etc. De gemeenteraad praat en stemt over de plannen van het
college. De mensen in de gemeenteraad controleren ook het werk van de burgemeester
en de wethouders. Ze kijken of de burgemeester zijn werk goed doet.
Hoeveel mensen zitten er in een gemeenteraad? Hoe groter een gemeente, hoe meer
mensen er in de gemeenteraad zitten. In de gemeenteraad van grote steden, zoals Den
Haag, Rotterdam en Amsterdam, zitten bijvoorbeeld 45 mensen, en in een kleinere
gemeente, bijvoorbeeld Medemblik, zitten 27 mensen.
Wil je meer weten? Misschien heb je nog veel vragen. Bijvoorbeeld: hoe weet je nu
precies wat alle partijen in jouw gemeente willen? Hoe kies je een partij? Als je zelf niet
kunt stemmen, mag je dan iemand anders vragen om voor jou te stemmen? Als je meer
wilt weten, lees dan de ‘Verkiezingskrant in gewone taal’ van ProDemos op internet. Of
kijk eens op https://stemwijzer.nl/ Op deze website kan je een test doen om te kijken
welke politieke partijen vaak dezelfde ideeën hebben als jij zelf. Wil je weten welke
partijen er in de Tweede Kamer (het nationale parlement) zitten? Lees dan ook deze
tekst op nt2taalmenu.nl: ‘De Tweede Kamerverkiezingen’. Daar vind je ook korte
informatie over de ideeën van de partijen.
woordenlijst:
1- de gemeenteraad : het ‘parlement’ van een gemeente
2- stemmen : kiezen
3 de wijk : de buurt
4- de zorg : hulp voor mensen die niet (helemaal) voor zichzelf kunnen zorgen,
bijvoorbeeld omdat ze ziek zijn, psychische problemen hebben of oud zijn.
5- het bedrijfsleven : alle bedrijven (fabrieken, winkels e.d.) in een gemeente of in een
land
6- de armoede : dat er mensen zijn met te weinig geld om normaal te kunnen leven
7- het bestrijden : zorgen dat het probleem verdwijnt of kleiner wordt
8- PvdA en CDA : politieke partijen; andere politieke partijen zijn bijvoorbeeld VVD, PVV,
D66, GroenLinks en CU. Bij de gemeenteraads verkiezingen doen ook veel ‘lokale
partijen’ mee: partijen die niet in heel Nederland mee doen, maar alleen in één
gemeente of in één provincie.
9- beslissen : zeggen wat er moet gaan gebeuren / zeggen wat je gaat kiezen
10- het college van B&W : de ‘regering’ van een gemeente (burgemeester + wethouders)
11- de burgemeester : de hoogste politieke functie van een gemeente
12- uitvoeren : doen wat in het plan staat
13- de wethouders : de ‘ministers’ van een gemeente
Oefening 1
1. Wat is een gemeente?
a Een kleine stad.
b Een stad of een dorp.
c Een stad of een paar dorpen samen.
2. Wie zitten er in de gemeenteraad?
a De burgemeester en de wethouders.
b 400 mensen uit de gemeente.
c Mensen die lid zijn van een politieke partij, en die gekozen zijn door de inwoners van
een gemeente.
d Alle mensen met een verblijfsvergunning die 5 jaar legaal in Nederland zijn.
3. Wat kan je lezen in de verkiezingsprogramma’s?
a De plannen van de burgemeester voor de gemeente.
b De plannen van de politieke partijen voor de gemeente.
c Waar je kan stemmen, op welke dag en hoe laat je moet komen.
d Wat de inwoners graag willen veranderen in de plannen van het college.
4. Wie mogen niet stemmen voor de gemeenteraad?
a Mensen zonder Nederlands paspoort.
b Mensen die geen lid zijn van een politieke partij.
c Mensen van 18 jaar of ouder die uit een EU-land komen.
d Mensen die niet uit Nederland of een EU-land komen, en die korter dan 5 jaar in
Nederland zijn.
5. Wie maakt de definitieve plannen voor de gemeente, en voert die plannen uit?
a De burgemeester en de wethouders.
b De gemeenteraad.
c De burgemeester.
6. Wat doet de gemeenteraad, nadat de definitieve plannen voor de gemeente gemaakt
zijn?
a Stemmen over de plannen, en de burgemeester en wethouders controleren.
b De plannen uitvoeren.
c Een burgemeester kiezen.
7. Hoe vaak zijn er gemeenteraadsverkiezingen?
a Bij grote gemeentes elk jaar, bij kleine gemeentes een keer per 4 jaar.
b Een keer per 4 jaar.
c Dat staat niet in de tekst.
8. Mag jij zelf ook stemmen voor de gemeenteraad? Het goede antwoord hangt af van
jouw persoonlijke situatie: uit welk land kom je, en hoe lang ben je al in Nederland?
Weet je het niet (zeker)? Vraag het eens aan je docent!
a Ja.
b Nee.
c Ik weet het niet.
Oefening 2
Wat hoort bij elkaar? Zet het goede cijfer in het vakje.
1. stemmen [ ] kiezen wat je wilt gaan doen
2. CDA [ ] een partij kiezen
3. een stad of een paar dorpen [ ] de gemeente
4. beslissen [ ] man of vrouw van een politieke partij
5. het lid [ ] een politieke partij
6. de burgemeester [ ] de ‘ministers’ van een gemeente
7. de gemeenteraad [ ] doen wat in het plan staat
8. de wethouders [ ] het ‘parlement’ van een stad
9. het college van B en W [ ] de hoogste politieke functie van een gemeente
10. uitvoeren [ ] burgemeester en wethouders
oefening 3
Wat hoort bij elkaar? Maak goede zinnen.
1. Op 21 maart zijn [ ] er vierhonderd gemeenten.
2. Mensen kunnen dan [ ] er verkiezingen in Nederland.
3. In totaal zijn [ ] de plannen van het college uit.
4. De mensen van de gemeenteraad [ ] controleren de burgemeester.
5. De burgemeester voert [ ] stemmen voor de gemeenteraad.
6. Op 21 maart stem [ ] maakt de definitieve plannen.
7 . Dat mag iedereen [ ] de plannen voor een speciaal onderwerp uit.
8 . de wethouders voeren [ ] staan in het verkiezingsprogramma.
9 . het college van B en W [ ] helemaal zelf beslissen.
10 . De ideeën van een partij